Woordvoerders en openbaarheid, een anekdote

[09:51]

    • Ik: Hallo, gisterenavond heeft uw kabinet een exemplaar gekregen van het verbeterplan voor Technopolis. Mag ik als journalist een kopietje?
    • Woordvoerder: We gaan dat niet doen. Dat is nog geen openbaar stuk. De raad van bestuur heeft ons dat bezorgd. We gaan dat nu op ons gemak lezen en bekijken, en eerst en vooral de raad van bestuur zelf een antwoord geven. Dan zien we wel hoe we er verder mee omgaan. Op dit moment is het geen stuk dat naar de pers zal verspreid worden.
    • Ik: Op welke gronden kan u dat niet vrijgeven?
    • Woordvoerder: Dat is geen bestuursstuk.
    • Ik: Het is gisteren toch bezorgd aan uw kabinet?
    • Woordvoerder: Ja.
    • Ik: Dan is het toch een bestuursdocument?
    • Woordvoerder: Nee, da’s geen document van de regering.
    • Ik: Dat doet er toch niet toe?
    • Woordvoerder: Toch wel?
    • Ik: Zo staat het niet in het decreet. Elk document in het bezit van een overheid is een bestuursdocument.
    • Woordvoerder: Elk goedgekeurd en afgeklopt document wellicht?
    • Ik: Nee.
    • Woordvoerder: Dan moet u maar via de Commissie Openbaarheid van Bestuur gaan, maar op dit moment gaan we dat niet vrijgeven.
    • Ik: Oké. Bedankt.
    • Woordvoerder: Tot later.

[09:53]

De selectieve openbaarheid van Joke Schauvliege

De kunstensector stond zaterdag 2 juni in rep en roer. Vlaams Minister van Cultuur Joke Schauvliege had plots alle adviezen online gezet die de verschillende commissies uitschreven voor de beoordeling van subsidiedossiers. Dat gebeurde nog nooit eerder en meteen kreeg de minister de wind van voren. Mevrouw Schauvliege zelf ziet er geen graten in en spreekt van openbaarheid van bestuur.

Yamila Idrissi (sp.a) bond de kat de bel aan. Aan VRT Nieuws laat ze weten dat ze totaal verrast is over deze nieuwe manier van werken. Ze vreest dat het openbaar maken de ongerustheid en het wantrouwen in de sector zal aanwakkeren. De minister zelf liet verstaan dat ze met het vrijgeven van de documenten net het gelobby van de sector op de politiek een halt wil toeroepen. Ze vind het belangrijk dat iedereen vooraf de documenten kon inzien, zodat iedereen kan zien dat het toekennen eerlijk verloopt. Verder wilde de minister daar vandaag niet verder op ingaan.

We hebben hier te maken met een (zeldzame) vorm van openbaarheid van de besluitvorming. In ons land is er geen wet die dat verplicht. Wel kan een burger normaliter elk document bij een overheid opvragen (dus ook deze adviezen). Echter, – en dit mag de nodige nadruk krijgen – het feit dat de documenten net dienen ter voorbereiding van het beleid, is voor de overheid een wettige reden om die toegang te weigeren (zie artikel 13, punt 3) . De wet voorziet maar in een heel beperkt aantal redenen om de toegang tot bestuursdocumenten te kunnen weigeren.

Dat Schauvliege deze besluitvormingsdocumenten dus al online zet omwille van de openbaarheid doet vragen oproepen. Zeker in het licht van de slechte track record van de Vlaamse regering. Zo was er – gisteren nog- weinig begrip voor de beslissing van Schauvliege om het omstreden project UPlace een milieuvergunning te geven. Volgens sommigen een zaak die draait op achterkamerpolitiek en belangenvermening. Ook het dossier van de Oosterweelverbinding blijft nazinderen. Actiegroepen probeerden onderzoeken en documenten op te vragen, maar botsten op een onwillige administratie, die de toegang bovendien weigerde omdat de documenten onder het advocatenberoepsgeheim zou vallen. De meest gecontesteerde zaak is wellicht die van de rapporten van de Inspectie van Financiën. Vroeger kregen parlementsleden deze standaard bij de wetgevende dossiers bij, maar nu moeten de parlementsleden ingewikkelde procedures volgen. Ze klagen bijgevolg over een bemoeilijkte controlefunctie.

Misschien hebben we hier effectief te maken met een eerste stap richting openbaarheid van politieke besluitvorming, maar sommigen zullen eerder heil blijven zien in de theorie die bij De Morgen wordt aangehaald, die zegt dat de hele affaire een afleidingsmanoeuvre was voor de heisa rond Uplace.

Groen! wil aanpassing van de openbaarheidswetgeving door Oosterweeldossier

De Morgen meldt dat de Vlaamse partij Groen! de bestaande openbaarheidswetgeving wil aanpassen. De ecologische partij wil ervoor zorgen dat het beroepsgeheim van advocaten niet meer kan gebruikt worden als absolute weigeringsgrond om bepaalde documenten niet openbaar te maken. Het betreft hier juridische adviezen in verband met het Oosterweeldossier die zijn opgemaakt door advocatenkantoor Stibbe, en die werden opgevraagd bij de Vlaamse Regering door het burgercollectief StRaten-Generaal in het kader van openbaarheidswetgeving. Die wet voorziet een uitzondering voor documenten die onder het beroepsgeheim vallen. Vlaanderen beroept zich op die regel om de adviezen niet vrij te geven.

Ontslagnemend minister van Binnenlandse Zaken Annemie Turtelboom vindt dat alvast niet kunnen. Op een vraag van Justitiespecialist Stefaan Van Hecke (Groen!) antwoordde ze dat het volgens haar niet mogelijk zou mogen zijn om adviezen te onttrekken aan de openbaarheid, zelfs als die opgesteld zijn door een advocaat. Van Hecke zelf werkt aan een voorstel om van het beroepsgeheim een relatieve weigeringsgrond te maken. Dat wil zeggen: wanneer de eisende partij een belang kan aantonen dat groter is dan dat van het beroepsgeheim, dan moet er toch tot openbaarmaking worden overgegaan.

Volgens Van Hecke is dat belangrijk. In De Morgen stelt hij: “Als het beroepsgeheim de wet op de openbaarheid kan overvleugelen, dan zal de regering voor alle mogelijke delicate dossiers een beroep doen op een advocatenkantoor, zodat ze die dossiers niet openbaar moet maken.” Als die weigeringsgrond relatief wordt, zal de Vlaamse regering telkens een afweging moeten opmaken en een eventuele weigering omstandig moeten motiveren.

bron: De Morgen, 31 augustus 2011